woensdag 10 juli 2013

Vallen en weer opstaan!

Gaat uw kind niet graag naar buiten om lekker te bewegen met vriendjes? Valt het u op dat hij of zij vaker struikelt dan leeftijdsgenootjes of dat hij of zij op de tenen loopt? Dit zou best eens kunnen voortkomen uit een afwijkend looppatroon.

Hoeveel mensen zitten niet ongeduldig te wachten op de eerste stapjes van hun kind op de eerste verjaardag? En wat als dit niet gebeurd, met 1 jaar lopen en 2 jaar praten was toch de regel? Geen paniek, de eerste stapjes worden gemiddeld tussen de 11 en 14 maanden gezet en het echte los lopen gebeurt meestal tussen de 12 en 15 maanden.

Lopen leer je letterlijk door vallen en opstaan. De ontwikkeling van het lopen gaat niet bij ieder kind hetzelfde, ze hebben allemaal hun eigen manier. Bent u bang dat uw kind afwijkend loopt door een afwijkende stand in de benen, dan is het goed het volgende in gedachte te houden: als kinderen net gaan lopen, zie je meestal O-benen. Dit gaat vanaf een jaar of 2 à 3 over in X-benen en vanaf een jaar of 6 à 7 strekken de benen zich weer wat meer. Dit is de normale ontwikkeling van de benen van kinderen. Bent u toch bang dat het looppatroon of de stand van de benen van uw kinderen afwijkt, schroom dan niet om contact op te nemen met de kinderfysio- of kinderoefentherapeut, zodat wij hier met een deskundig oog naar kunnen kijken.

Het struikelen en vallen moet vanaf ±4 jaar wel afnemen. Als dit niet zo is, kunt u ook de hulp van de kinderfysio- of kinderoefentherapeut  inroepen. Een bemoeilijkt looppatroon kan verschillende oorzaken hebben en hier zal de therapeut dan ook altijd onderzoek naar doen. Zo kan er sprake zijn van een verstoorde balans, verkeerde stand van de voeten of onvoldoende spierkracht. Afhankelijk van waar het probleem vandaan komt, wordt er op een speelse wijze geoefend om het looppatroon te verbeteren. De behandeling bestaat uit verschillende oefeningen, die ook thuis uitgevoerd moeten worden.
Herkent u één van bovenstaande problemen bij uw kind, of vertrouwt u de ontwikkeling van het lopen of het looppatroon niet helemaal? Aarzel dan niet om een afspraak te maken bij de kinderfysio- of kinderoefentherapeut. Wij kijken er met een deskundig oog naar en kunnen uw kind helpen het plezier in bewegen weer terug te krijgen.

Deze tekst is geschreven door Eva Groeneveld, Kinderfysiotherapeut i.o. en Marenthe Mebius, Kinderoefentherapeut i.o., beiden werkzaam bij FitFirstbeweegcentrum en verantwoordelijk voor de afdeling Kindertherapie. Naast behandeling van Kinderen ontwikkelen zij nieuwe diensten binnen de Kindertherapie en Kinderfitness.

vrijdag 19 april 2013

Hoe kan je een pijnlijke nek tijdens het fietsen voorkomen?



Tijdens het wielrennen of mountainbiken kan nekpijn veel oncomfortabele momenten opleveren. Vooral bij langere ritten speelt dit probleem vaak op. Voor sommige is de pijn zo erg dat zij stoppen met wielrennen en/of mountainbiken.

De pijn wordt vaak veroorzaakt door triggerpoints in de nekspieren. Triggerpoints zijn spierknopen, met als oorzaak een zeer lokale kramptoestand in een spier door gebrek aan doorbloeding en zuurstof. Dit zijn vaak bobbeltjes of strengetjes en zijn ter plekke overgevoelig als je erop drukt, en kunnen vaak uitstralende pijn naar ander gedeeltes van het lichaam veroorzaken.

De fietshouding speelt een belangrijke rol in het ontstaan van deze spierknopen. De rug bevindt zich tijdens het fietsen in een gebogen positie. Om wel vooruit te kunnen kijken tijdens het fietsen moet de nek worden overstrekt. Deze langdurige overstrekking kan spierknopen in de nekstrekkers veroorzaken. Een fietshouding waarbij de afstand van zadel naar stuur te kort is en/of het hoogteverschil tussen deze twee te groot is veroorzaakt meer buiging in de rug waardoor je nek nog meer moet overstrekken om je blik naar voren gericht te houden. Ook een te lange zit (afstand tussen zadel en stuur te groot) kan leiden tot een toename in de spierspanning van de nekstrekkers. Het goed afstellen van de fietshouding is dus essentieel om nekpijn tijdens het fietsen te voorkomen.

Naast het goed afstellen van de fietshouding kan het helpen om je rompstabiliteit te trainen. Met een goede rompstabiliteit kan je langer je rug gestrekt houden en voorkom je dat de rug teveel gaat buigen en dus je nek minder hoeft te overstrekken.

Als sportfysiotherapeut die gespecialiseerd is in dynamische fietspositie analyses kan ik je eventueel helpen in het voorkomen of verhelpen van nekklachten tijdens het fietsen. De combinatie van een vraaggesprek, fysiotherapeutische testen en een fiets positieanalyse zal in veel gevallen de kern van het probleem opsporen en de benodigde handvatten geven om in de toekomst weer probleemvrij te kunnen fietsen en te blijven fietsen!


Deze tekst is geschreven door Christiaan Vink, Sport fysiotherapeut bij FitFirst beweegcentrum en verantwoordelijk voor de afdeling Sportfysiotherapie. Naast behandeling van (sport)blessures ontwikkelt Christiaan nieuwe diensten voorzien van de nodige wetenschappelijke kennis gecombineerd met praktische toepasbaarheid en ondersteund hij v.v. Groeneweg uit Zevenhuizen.

woensdag 27 maart 2013

Schouderklachten ten gevolge van calcificatie in de schouderpees.



Schouderklachten ten gevolge van calcificatie in de schouderpees.

Het woord “calcificatie” betekent verkalking of calcium neerslag, Door een chronische irritatie van de pezen in de schouder (vaak Rotator Cuff genoemd) ontstaat een reactie van cellen in de pees die ervoor zorgen dat er een opstapeling plaatsvindt van kalk. Een kalkafzetting in de schouder kan veelal worden waargenomen op een röntgenfoto (zie de foto hieronder) of een echografie.


                Röntgenfoto/echografie schouder met zichtbare kalkafzetting

Bij het omhoog heffen van de arm moeten de pezen van de Rotator Cuff onder het schouderdak doorglijden. Door de aanwezigheid van de kalk in deze pees wordt de ruimte onder het schouderdak kleiner en hierdoor kan de pees niet meer goed onder het schouderdak glijden. Deze wrijving of inklemming wordt ‘impingement' genoemd. De pijn treedt hierbij vaak op bij het omhoog tillen van de arm en bij de arm naar achteren bewegen (jas aantrekken, BH vast maken).  De pijn zit vaak aan de voor en zijkant van de schouder en straalt soms uit naar de bovenarm en elleboog. Slapen op de aangedane zijde is pijnlijk en vooral 's nachts kan de pijn wat toenemen.

Er bestaan verschillende behandelingen voor een kalkafzetting in de schouderpees.Mogelijke behandelingen zijn injecties, fysiotherapie, barbotage of een kijkoperatie.Ook kan het zijn dat u het advies heeft gekregen om de klachten voor enkele maanden tot een jaar aan te kijken omdat de kalkafzetting vanzelf verdwijnt. Echter blijft u dan wel al die tijd met deze schouderpijn zitten.

Een andere veelbelovende therapie is Shockwave-therapie. Het voordeel van Shockwave-therapie ten opzichte van andere behandelingen is dat het een veilige behandeling is zonder mogelijke complicaties. Met behulp van een hoge druk compressor worden er via een applicator schokgolven naar het pijnlijke weefsel gestuurd. Deze schokgolven hebben een pijndempend effect en kunnen de aanwezige kalkafzetting  ‘vergruizen’. De afgelopen jaren is gebleken dat ShockWave-therapie een veelbelovende en wetenschappelijk onderbouwde behandelmethode is geworden met vaak een uitstekend resultaat na 5 tot 6 behandelingen. Uiteraard dient er naast Shockwave-therapie ook gekeken te worden naar de functionaliteit van de arm. De beweging van de schouder is immers al lange tijd niet goed geweest. De fysiotherapeut kan u middels oefeningen helpen om de functionaliteit van de schouder weer goed te krijgen.

Deze tekst is geschreven door Christiaan Vink, Sport fysiotherapeut bij FitFirst beweegcentrum en verantwoordelijk voor de afdeling Sportfysiotherapie. Hij is samen met Irene lid van het schoudernetwerk van het Groene Hart ziekenhuis.